Bolderik

Agrostemma githago


© John Breugelmans

Ecologie & verspreiding
Bolderik staat op open, zonnige en vochtige, matig voedselrijke, meestal kalkrijke löss-, zand-, leem- en kleibodems. Ze groeit in rogge- en wintergraanakkers, maar wordt ook als sierplant gebruikt. De plant was wereldwijd verspreid als graanonkruid, maar is overal zeer sterk achteruit gegaan. In Nederland was de soort zeldzaam, het meest nog in Zuid-Limburg en in het rivierengebied. De oorzaak van de zeer sterke achteruitgang is de hedendaagse zaadzuivering en de intensievere akkerbouw. De plant is viltig behaard, heeft langwerpige, spitse bladeren en alleenstaande, tweeslachtige, paarse of zelden witte bloemen. De vijf spits uitlopende kelkslippen zijn langer dan de kroonbladen die bestaan uit een lange nagel en een breed afgerond en tot iets ingesneden plaat. De na bestuiving gevormde, zwarte zaden zijn giftig door saponinen en kortlevend. Ze is in Nederland tegenwoordig alleen nog bekend van enkele akkerreservaten of als verontreiniging in graan of fazantenvoer. De giftige zaden werden vroeger samen met het graan geoogst en tot meel vermalen en veroorzaakten ernstige gezondheidsklachten en soms erger.
Herkenning (bron: wilde-planten.nl / Klaas Dijkstra)

Bloeitijd - juni - juli

Hoogte - 0,20-1,00 m.

Geslachtsverdeling - tweeslachtig

Wortels - Worteldiepte tot 1 meter.

Stengels/takken - De rechtopstaande, grijsgroene en viltig behaarde stengels zijn niet of nauwelijks vertakt.

Bladeren - De tegenoverstaande, langwerpige, tot twaalf cm lange bladeren hebben een spitse top.

Bloemen - Tweeslachtig (een bloem met zowel mannelijke als vrouwelijke geslachtsorganen). De alleenstaande, paarse of zelden witte, 3-5 cm grote bloemen zijn lang gesteeld. De kroonbladen hebben een lange nagel. Ze zijn breed afgerond en meestal iets ingesneden. De vijf spits uitlopende kelkbladen zijn iets leerachtig, ruw behaard en meestal langer dan de kroonbladen. De kelkbuis heeft tien ribben.

Vruchten - Een doosvrucht. De giftige zaden zijn kortlevend (één tot vijf jaar). Tweezaadlobbig (kiemend met twee kiemblaadjes). De giftige zaden konden gemakkelijk met het graan mee worden geoogst en dan tot meelvergiftiging leiden.

Bodem -

Groeiplaats -
Groep: tweezaadlobbigen (bloemplanten)
Status: Rode Lijst: Kwetsbaar
Zeldzaamheid: vrij zeldzame soort
Ecologische groep: voedselrijke akkers
© 2024  FLORON
Ga naar de volledige website