Rechte driehoeksvaren

Gymnocarpium robertianum


© Peter Meininger

Ecologie & verspreiding
Rechte driehoeksvaren prefereert licht beschaduwde, kalkrijke en stikstofarme, vochtige, voedselarme bodems en steenachtige plaatsen. Ze groeit in lichte hellingbossen, in struwelen, op beschaduwde greppelwanden met kalkijk zand, op kalkrotsen, in muurspleten en op perronkantjes. Het is voornamelijk een gebergteplant van de gematigde en koudere streken van het Noordelijke Halfrond en Nederland ligt aan de rand van het Europese areaal. De soort is zeer zeldzaam in Zuid-Limburg, de Noordoostpolder en enkele plaatsen in Noord-Holland. Deze, niet winterharde varen is gekarakteriseerd doordat de bladeren niet in bundels staan, de bladschijf geen hoek maakt met de bladsteel en de bladeren veel klieren dragen die een opvallende geur verspreiden die wel wat op het aroma van Robertskruid lijkt. De kruipende wortelstok draagt schubben en is aan de top voorzien van bruine haren; de bladsteel is 1 tot 2 maal zolang als de stevige, donkergroene bladschijf. De sporenhoopjes staan nabij de bladrand en hebben geen dekvliesjes.
Familie: Athyriaceae
Groep: varens (sporenplanten)
Status: Rode Lijst: Gevoelig
Zeldzaamheid: zeer zeldzame soort
Ecologische groep: kalkrijke bossen
© 2019  FLORON
Ga naar de volledige website