Zilverschoon

Potentilla anserina


© Bert Verbruggen

Herkenning (bron: wilde-planten.nl / Klaas Dijkstra)

Bloeitijd - mei - augustus

Hoogte - 0,05-0,30(-0,45) m.

Geslachtsverdeling - tweeslachtig

Wortels - Worteldiepte tot 10 cm.

Stengels/takken - De lange, kruipende stengels zijn vaak roodachtig. Ze wortelen op de knopen.

Bladeren - De afgebroken geveerde bladeren zijn 5 tot 25 cm lang, met tot meer dan 20 grote, scherp gezaagde deelblaadjes. Van onderen en vaak ook van boven zijn ze zilverig, zijdeachtig behaard.

Bloemen - Tweeslachtig (een bloem met zowel mannelijke als vrouwelijke geslachtsorganen). De gele, 1½ tot 3 cm grote bloemen groeien op een behaarde, lange steel, die ook na de bloei rechtopstaat. De 5 kroonbladen zijn eivormig en aan de top afgerond. Ze zijn 2 keer zo lang als de kelk.

Vruchten - Een eenzadige dopvrucht of nootje. De zaden zijn kortlevend (1-5 jaar). Tweezaadlobbig (kiemend met twee kiemblaadjes).

Bodem - Zonnige, vaak open plaatsen op natte tot vochtige, matig voedselrijke tot voedselrijke, zwak zure tot kalkhoudende en vaak verstoorde of verdichte grond. Ook op brakke en zilte grond (alle grondsoorten, behalve hoogveen).

Groeiplaats - Akkers (o.a. maisvelden), tuinen, omgewerkte grond, braakliggende grond, opgespoten grond, zeeduinen (duinvalleien), kwelders of schorren (kwelderranden en kleiige laagten op strandvlakten), grasland (grasvelden), bermen, dijken, karrensporen, waterkanten (aanspoelselgordels, afgetrapte oevers en langs kreken en drinkpoelen in het kustgebied), puin, ruderale plaatsen, stortterreinen), uiterwaarden en afgravingen (leem- en kleiafgroeven).
Familie: Rosaceae
Groep: tweezaadlobbigen (bloemplanten)
Status: Niet bedreigd
Zeldzaamheid: algemene soort
Ecologische groep: storingsmilieus
© 2019  FLORON
Ga naar de volledige website