Brede zannichellia

Zannichellia palustris subsp. major


Ecologie & verspreiding
Brede zannichellia is te vinden in zonnig, matig tot zeer voedselrijk, niet te diep, kalkhoudend en brak water boven een zand- of kleibodem. Ze groeit in de minder diepe delen van uitgestrekte brakke wateren (zee-inhammen) met een sterke watercirculatie en vermenging van zee- en zoet rivierwater. Als Zannichellia palustris s.l. komt het taxon in bijna alle werelddelen voor, behalve in Australië. Brede zannichellia is inheems in noordelijk Europa, met name in de Oostzee en de Botnische Golf. In Nederland kwam het taxon voor in de ondiepe randzone van de Zuiderzee en op Texel en is na 1932 (de afsluiting van de Zuiderzee) geheel uit deze wateren verdwenen als gevolg van de optredende verzoeting. Bij deze ondersoort zijn de bladeren donkergroen en breder (tot 2 mm) dan bij de andere taxa. De éénzadige, zittende of zeer kort gesteelde vruchtjes zijn donker bruinrood en minstens 3 mm lang met een 2 mm lange, meestal sterk gekromde snavel.
Herkenning (bron: wilde-planten.nl / Klaas Dijkstra)

Bloeitijd - mei - herfst

Hoogte - 0,10-0,50 m.

Geslachtsverdeling - éénslachtig, éénhuizig

Wortels -

Stengels/takken - De drijvende, draadvormige stengtels zijn sterk vertakt.

Bladeren - De verspreid of bijna tegenover elkaar staande bladen zijn draadvormig, spits en hebben een gave rand en zijn hoogstens 1-2 mm breed. De bladschede (tongetje) is vliezig, stengelomvattend en eerst buisvormig.

Bloemen - Eenslachtig (een bloem met alleen mannelijke of alleen vrouwelijke geslachtsorganen). Eenhuizig (mannelijke en vrouwelijke bloemen op dezelfde plant). De bloeiwijze is schijnbaar okselstandig, bijna zittend en bevat één tot drie bloemen. De bloemen zijn klein, groenachtig en zonder kroon. Mannelijke bloemen met één of twee meeldraden en vrouwelijke bloemen met twee tot vier stampers.

Vruchten - Een eenzadige dopvrucht of nootje. De donker roodbruine vrucht, zonder de snavel, is 2½ tot soms 4 mm lang en 1-1½ mm breed. De zaden zijn langlevend (langer dan vijf jaar).

Bodem - Zonnige plaatsen in meestal ondiep, matig tot zeer voedselrijk, brak, kalkhoudend water met een bodem van klei of zand.

Groeiplaats - Water en schorren (grote zee-inhammen waarin het zoute water door rivieren wordt verdund).
Groep: eenzaadlobbigen (bloemplanten)
Status: Rode Lijst: Verdwenen uit Nederland
Zeldzaamheid: verdwenen
Ecologische groep: schorren
© 2024  FLORON
Ga naar de volledige website