Muurbloemmosterd

Coincya monensis


© Gertjan van Mill

Herkenning (bron: wilde-planten.nl / Klaas Dijkstra)

Bloeitijd - juni - oktober

Hoogte - 0,20-0,60 m.

Geslachtsverdeling - tweeslachtig

Wortels -

Stengels/takken - De stengels zijn onderaan stijf afstaand behaard, maar bovenaan meestal kaal.

Bladeren - De behaarde, blauwgroene bladeren worden tot 10 cm lang. Ze zijn behaveerdelig tot geveerd met 3 tot 5 (of soms meer) paar getande slippen. De bovenste bladeren zijn kleiner en vaak niet gedeeld.

Bloemen - Tweeslachtig (een bloem met zowel mannelijke als vrouwelijke geslachtsorganen). De 2 tot 2½ cm grote bloemen zijn lichtgeel met donkergele aderen.

Vruchten - Een doosvrucht. De opstijgende hauwen zijn smal lijnvormig en 3 tot 8 cm lang en 1½ tot 2 mm breed. De snavel is 0,8 tot 2,2 cm lang, kegelvormig en iets afgeplat. Tweezaadlobbig (kiemend met twee kiemblaadjes).

Bodem - Zonnige, open plaatsen op droge, soms vochtige, matig voedselrijke, kalkarme tot vaak kalkhoudende, zandige of stenige grond.

Groeiplaats - Bermen, omgewerkte grond, braakliggende grond, opgespoten grond, langs spoorwegen (spoorbermen), enigszins ruderale plaatsen, ruigten (voedselrijke ruigten) en in berggebieden.
Familie: Brassicaceae
Groep: tweezaadlobbigen (bloemplanten)
Status: Niet bedreigd
Zeldzaamheid: zeldzame soort
Ecologische groep: voedselrijke ruigten
© 2019  FLORON
Ga naar de volledige website