Kaneelroos

Rosa majalis


© Adrie van Heerden

Herkenning (bron: wilde-planten.nl / Klaas Dijkstra)

Bloeitijd - juni - juli

Hoogte - 0,50-1,80 m.

Geslachtsverdeling - tweeslachtig

Wortels - Met wortelopslag.

Stengels/takken - De takken zijn in de bovenste delen kaal, Naast de bladeren groeien 2 haakvormig gekromde slanke stekels, in het onderste deel zie je ook veel naald- en borstelvormige stekels. De bast is roodbruin.

Bladeren - De vijf-  tot zeventallige bladeren zijn aan de bovenkant donkergroen tot blauwgroen. De deelblaadjes zijn elliptisch, behaard, aan de onderkant grijsgroen en donzig tot vlitig behaard. De steunblaadjes aan de voet van de bladstelen zijn opgerold.

Bloemen - Tweeslachtig (een bloem met zowel mannelijke als vrouwelijke geslachtsorganen). De roze tot donkerrode bloemen zijn 3-5 cm (kroonbladen 1,8-3 cm). De stelen zijn onbehaard. De Kelkbladen met  een gave rand. Na de bloei staan ze rechtop en vallen niet af. Ze zijn langer dan de kroonbladen.

Vruchten - Een vlezige schijnvrucht. De bolvormige rozenbottels zijn kaal en oranje tot rood van kleur. Tweezaadlobbig (kiemend met twee kiemblaadjes).

Bodem - Zonnige tot half beschaduwde plaatsen op droge, matig voedselarme tot voedselrijke, kalkhoudende grond (zand en stenige plaatsen).

Groeiplaats - Zeeduinen, bossen (beekbegeleidende bossen), bosranden, heggen, struwelen en stenige hellingen.
Familie: Rosaceae
Groep: tweezaadlobbigen (bloemplanten)
Status: Niet bedreigd
Zeldzaamheid: zeer zeldzame soort
Ecologische groep: struwelen
© 2024  FLORON
Ga naar de volledige website