Sikkelgoudscherm

Bupleurum falcatum


© Peter Meininger

Ecologie & verspreiding
Sikkelgoudscherm staat op zonnige tot lichtbeschaduwde, matig droge tot vochtige, warme, basen- en matig voedselrijke, kalkrijke tot kalkarme, losse en stikstofarme, verweerde kalk en op stenige plaatsen. Ze groeit in kalkgraslanden en andere grazige plaatsen, op hellingen en rotsen, op dijken en in bermen, in graanakkers en op oevers. Verder in heggen en open struwelen, op ruderale plaatsen, in bosranden en in lichte naaldbossen (in Nederland niet in naaldbossen). De overblijvende plant is inheems In Azië en Midden- en Zuid-Europa. Het areaal reikt in het noorden tot in Groot-Brittannië, België en Nederland. De soort is zeer zeldzaam, tussen 1950 en 1974 ingeburgerd in Zuid-Limburg (o.a. op de Sint Pietersberg), en werd vroeger ook gevonden in Zeeuws-Vlaanderen. De bestuiving geschiedt door insecten en de zaden worden verspreid door zelfuitzaaiing, door de wind, door menselijke activiteiten en als klit. Goudschermen zijn direct van alle andere Nederlandse schermbloemen te onderscheiden door de ongedeelde en gaafrandige bladeren.
Herkenning (bron: wilde-planten.nl / Klaas Dijkstra)

Bloeitijd - juni - september

Hoogte - 0,30-1,00 m.

Geslachtsverdeling -

Wortels -

Stengels/takken - De stengels zijn hol.

Bladeren - Tweeslachtig (een bloem met zowel mannelijke als vrouwelijke geslachtsorganen). De onderste bladeren zijn langwerpig tot elliptisch, 1 tot 2½ cm breed, gesteeld en hebben 5 tot 7 nerven. De stengelbladeren zijn lijnvormig tot langwerpig, meestal sikkelvormig, niet gesteeld en half stengelomvattend.

Bloemen - De gele bloemen vormen schermen met 3 tot 15 stralen en zijn lang gesteeld. Ze zijn 1 mm groot en steken buiten de omwindselblaadjes uit. De 2 tot 5 omwindselblaadjes zijn langwerpig, ongelijk van grootte en hebben 3 tot 5 nerven.

Vruchten - Een splitvrucht. De vruchten zijn glad, langwerpig en 3 tot 4 mm groot. Tweezaadlobbig (kiemend met twee kiemblaadjes).

Bodem - Zonnige plaatsen op matig vochtige, matig voedselrijke, kalkrijke grond.

Groeiplaats - Grasland (kalkgrasland en andere grazige plaatsen), heggen en ruderale plaatsen.
Familie: Apiaceae
Groep: tweezaadlobbigen (bloemplanten)
Status: onbestendige soort
Zeldzaamheid: zeer zeldzame soort
Ecologische groep: kalkgraslanden
© 2019  FLORON
Ga naar de volledige website