Polytrichum commune var. commune


© Jan Kersten

Ecologie & verspreiding
De typevariëteit van Gewoon haarmos is kenmerkend voor vochtige tot natte voedselarme milieus, met name laag- en hoogveenmoerassen, zowel open als bebost (elzen- en berkenbroek). Het zwaartepunt van verspreiding bevindt zich op de hogere zandgronden en in het laagveengebied, maar var. commune is in alle fysisch geografische regio´s aanwezig. Polytrichum commune heeft zich sterk uitgebreid in laagveenmoerassen, waar de soort geldt als indicator van verzuring (toenemende regenwaterinvloed) als gevolg van verlanding en verdroging. In hoeverre het hier steeds gaat om var. commune moet nog blijken want ook var. perigoniale komt voor in verdrogend (laag)veen. De directe nabijheid van water of veenmossen wijst niet zonder meer op de typevariëteit. Gewoon haarmos langs bronnen, beken en sprengen is bijna altijd var. commune. Een andere standplaats betreft open plekken, wortelkuilen en -kluiten in droge bossen op de hogere zandgronden en in het heuvelland. Het gaat meestal om kleine plekken in open-schaduwsituaties. Langs de kust en op de klei kan worden uitgekeken naar var. commune als veenlagen worden aangesneden door sloten en greppels. Gericht verzamelen en documenteren van de standplaats, ook in de veengebieden, moet meer duidelijkheid geven over de verspreiding en ecologie.
Groep: Bladmossen
Zeldzaamheid: vrij algemene soort
Biotoopvoorkeur: Heide en heidebebossing
Substraatvoorkeur: veen
Controle: microscopische determinatie
© 2019  BLWG
Ga naar de volledige website