Rosse vossenstaart

Alopecurus aequalis


© Peter Meininger

Ecologie & verspreiding
Rosse vossenstaart groeit op natte, stikstofrijke bodem (van zuur tot basisch) langs de grote rivieren en in de veengebieden. De zaden kiemen boven de 14 graden op lichte plaatsen met sterk wisselende temperaturen, wat kan verklaren dat de soort steeds meer wordt gevonden in voedselrijke vennen, in greppels, op ijsbanen en langs slootoevers. Rosse vossenstaart ontleent de naam aan de helmknoppen die bij de bloei in de voorzomer van roomwit naar fel oranje kleuren. Deze vallen echter spoedig af, waarna de soort sterk lijkt op de Geknikte vossenstaart (A. geniculatus). De soort komt voor in de associatie van Waterpeper en Tandzaad in de Tandzaadklasse, die wordt gekenmerkt door voedselrijke groeiplaatsen die in de winter nat zijn (zuurstofarmoede, ammoniak) en in de zomer droog.
Herkenning (bron: wilde-planten.nl / Klaas Dijkstra)

Bloeitijd - mei - herfst

Hoogte - 0,15-0,45 m.

Geslachtsverdeling - tweeslachtig

Wortels -

Stengels/takken -

Bladeren - De blauwgroene bladeren zijn meestal bedekt met een wittig waslaagje. De bladscheden zijn vaak blauw paarsachtig.

Bloemen - Tweeslachtig (een bloem met zowel mannelijke als vrouwelijke geslachtsorganen). De aartjes worden 2 tot 2½ mm lang. De helmknoppen zijn wittig, later worden ze helder oranjegeel of goudgeel. Na de bloei vallen ze spoedig af. De korte naalden steken niet of nauwelijks buiten de aartjes uit. De naald van het onderste kroonkafje is boven het midden aangehecht.

Vruchten - Een graanvrucht. De zaden zijn langlevend (> 5 jaar). Eenzaadlobbig (kiemend met één kiemblaadje).

Bodem - Zonnige of soms licht beschaduwde, vrij open plaatsen (pionier) op natte, voedselrijke, met name stikstofrijke, zwak zure tot kalkrijke grond (allerlei grondsoorten).

Groeiplaats - Waterkanten (drooggevallen oevers, langs greppels, poelen, vervuilde vennen, oude rivierlopen en vertrapte weilandsloten), uiterwaarden, grasland, afgravingen (zand-, leem- en kleigroeven), ijsbaantjes, baggerstortterreinen, opgespoten grond en bossen (poeltjes).
Familie: Poaceae
Groep: eenzaadlobbigen (bloemplanten)
Status: Niet bedreigd
Zeldzaamheid: algemene soort
Ecologische groep: pionier op stikstofrijke, natte grond
© 2024  FLORON
Ga naar de volledige website