Gingellikruid

Guizotia abyssinica


© Peter Wetzels

Ecologie & verspreiding
Gingellikruid geeft de voorkeur aan vochtige, zonnige tot beschaduwde, ruderale, verstoorde zand-, leem- en kleibodems. Ze groeit buiten haar natuurlijk areaal op stortplaatsen en rivieroevers, in urbane omgeving, in bermen en bij molens. De soort komt oorspronkelijk uit de hooglanden van Oost-Afrika, is op meerdere plaatsen in cultuur genomen en daarmee tegenwoordig over de gehele aardbol verspreid. Ze komt verspreid voor in Midden- en Zuid-Nederland, spaarzaam in het noordoosten en ontbreekt (nog?) in het noordwestelijk deel. De plant wordt door bijen bestoven, kruisbestuiving is noodzakelijk voor een goede zaadvorming, de glimmende, licht bruine tot zwarte zaden worden als klit, door de wind of menselijke activiteiten verspreid. Uit gemorst zaad slaat ze regelmatig op in bermen en langs waterwegen, maar het blijft een efemere verschijning. De oliehoudende zaden worden gebruikt als vogelvoer en voor menselijk gebruik. De olie dient als bakolie of kan verwerkt worden in diverse levensmiddelen of in industriële produkten.
Familie: Asteraceae
Groep: tweezaadlobbigen (bloemplanten)
Zeldzaamheid: vrij zeldzame soort
© 2024  FLORON
Ga naar de volledige website