Vreemd speenkruid

Ficaria verna subsp. grandiflora


Ecologie & verspreiding
Vreemd speenkruid prefereert zonnige tot beschaduwde, stikstofrijke, zwak zure tot zwak basische, vochtige tot vrij natte, matig voedselrijke tot voedselrijke bodems, vaak lemige tot licht kleiige grond. Ze groeit in loof- en rivier begeleidende loofbossen, in bronnetjes- en beekdalbossen, in helling- en binnenduinbossen, in parkbossen en bosranden, in heggen en bermen, aan allerlei waterkanten en in greppels. Verder in tuinen en plantsoenen, in allerlei graslanden, beschaduwde gazons en aan de voet van kleiige dijken. Het areaal omvat Ierland, het U.K., Spanje en Noord-Denemarken, Sardinië en Italië. De verspreiding in Frankrijk is onvoldoende bekend en in België is deze ondersoort waarschijnlijk verwilderd. In Nederland is het taxon hier en daar ingevoerd. Deze ondersoort is relatief fors, rechtopstaand tijdens de bloei, draagt geen okselknolletjes en heeft brede, elkaar met de randen bedekkende kroonbladen (deze zijn 2,5-9 mm, doorsnede bloem 20-40 mm) en meestal rijpe nootjes. Zie ook Ficaria verna s.l.
Familie: Ranunculaceae
Groep: tweezaadlobbigen (bloemplanten)
Status: exoot (na 1900 verwilderd of aangeplant)
Zeldzaamheid: zeer zeldzame soort
© 2019  FLORON
Ga naar de volledige website