Postelein-waterlepeltje

Ludwigia peploides


© Wim van Vliet

Ecologie & verspreiding
Kleine waterteunisbloem is afkomstig uit Zuid-Amerika en geïntroduceerd in Europa als vijverplant. In Zuid-Europa kan de soort woekeren in natuurgebieden en zo de overige vegetatie wegconcurreren. In Nederland zijn enkele vondsten gedaan sinds 2003, waarvan de meesten verwijderd zijn. Kleine waterteunisbloem is een overblijvende water- en oeverplant die voorkomt in en langs zwak stromend of stilstaand zoet water in kanalen, vaarten, meren, vijvers en greppels. Ook droogvallende oevers en vochtige graslanden kunnen worden gekoloniseerd. De plant heeft op de knopen wortelende stengels, welke dichte matten kunnen vormen en tot een meter boven het wateroppervlak uit kunnen steken. De planten verspreiden zich via stengelfragmenten die elders wortelen. De soort lijkt op Waterteunisbloem Ludwigia grandiflora, maar is te onderscheiden met de grootte van de bloem en de vorm van het blad. Kleine waterteunisbloem heeft 7-17 mm lange kroonbladeren en 3-6 cm lange bladen met een duidelijke bladsteel en -schijf. De kroonbladeren van Waterteunisbloem zijn 15-25 mm lang en de 6-12 cm lange bladen lopen af langs de bladsteel. Kleine waterteunisbloem staat op het Convenant Waterplanten en de Unielijst. Dit houdt in dat bezit, handel en vervoer van deze soort verboden is en dat gevonden exemplaren bestreden moeten worden.
Familie: Onagraceae
Groep: tweezaadlobbigen (bloemplanten)
Status: exoot (na 1900 verwilderd of aangeplant)
Zeldzaamheid: zeer zeldzame soort
© 2019  FLORON
Ga naar de volledige website