< Meer determinatiehulpen

laatst gewijzigd op 10-10-2017

Fijnstralen in Nederland

Remko Andeweg & Ton Denters


Inleiding

In steden zijn de afgelopen jaren veel nieuwe fijnstraalsoorten verwilderd. In deze determinatiehulp vergelijken we de vier in ons land voorkomende soorten. Conyza daveauana werd enige tijd onderscheiden, maar wordt hier voorlopig als synoniem van Conyza sumatrensis opgevat.

Vergelijking

Ruige fijnstraal

Conyza bilbaoana

Canadese fijnstraal

Conyza canadensis

Gevlamde fijnstraal

Conyza bonariensis

Hoge fijnstraal

Conyza sumatrensis (incl. daveauana)

Bloeiwijze brede, losse, ronde pluim
lange, zuilvormige pluim slordige tuil brede ruitvormige pluim
Herkenning bloemhoofdjes Kleine bloemhoofdjes, bol-urnvormig, 3 tot 5 mm breed; gemiddeld iets kleiner dan Canadese fijnstraal. Teruggeslagen omwindselbladen van uitgebloeide hoofdjes diep donkerbruin en door sterk kleurcontrast met rest van de plant duidelijk in het oog springend.
Kleine bloemhoofdjes, smal cilindervormig, 3 tot 5 mm breed. Teruggeslagen omwindselbladen van
uitgebloeide hoofdjes (onopvallend) lichtbruin.
Forse bloemhoofdjes bol-, eivormig, 7 tot 11 mm breed. Omwindselbladen meestal rode (gevlamde) top, vandaar Gevlamde fijnstraal. Opvallend kleine bloemhoofdjes, urnvormig.
Bloemhoofdjes breedte 3 - 5 mm
3 - 5 mm 8 - 11 mm < 6 mm
Omwindselblaadjes vrijwel kaal, geelgroen tot grijs
kort en dicht behaard, kleur variabel
Buisbloemen met 5 lobben (loep);
lintbloemen slecht ontwikkeld en niet buiten omwindsel stekend
met 4 lobben (loep), lintbloemen duidelijk buiten omwindsel
stekend

meestal met 5 lobben (loep)

Beharing stengels met lange stugge haren spaarzaam behaard kort en dicht (aanliggend) behaard
kort en dicht (aanliggend) behaard
Hoofdbloeitijd aug - sep/okt jul - sep
jul - okt aug -dec
Levensduur overblijvend met meerdere hoofdstengels en rozet in het najaar éénjarig
éénjarig overblijvend met meerdere hoofdstengels en rozet in het najaar
Hoogte tot 150 cm tot 100 cm
tot 80 cm tot 150(-250) cm
Kleur stengel, bladeren en bladrand donkerder groen, stengel ruwharig, gekromde haren op bladrand lichtgroen, stengel en bladrand met afstaande haren

(donker)grijsgroen, stengel kort en dicht (aanliggend) behaard

Afbeeldingen


Ruige fijnstraal - Conyza bilbaoana

Canadese fijnstraal - Conyza canadensis

Gevlamde fijnstraal - Conyza bonariensis

Hoge fijnstraal - Conyza sumatrensis

Hoge fijnstraal - (vorm van Conyza daveauana)

Determinatiesleutel

1
Bloemhoofdjes dicht behaard
2
 
-
Bloemhoofdjes vrijwel kaal, mogelijk met enkele haren
3
 
 
2 (1)
Bloemhoofdjes smal, urnvormig, 2 tot 6 (-8) mm breed, bloemwijze ruitvormig
 
inclusief Conyza daveauana, die nog niet met zekerheid onderscheiden kan worden
-
Bloemhoofdjes bol, eivormig, 6 tot 8 (-10) mm breed, bloemwijze tuilvormig
 
 
3 (1)
Buisbloemen met 4 lobben (loep!); omwindselbladen van uitgebloeide hoofdjes lichtbruin; planten wisselend behaard, niet stug
 
-
Buisbloemen met 5 lobben (loep!); omwindselbladen van uitgebloeide hoofdjes diep donkerbruin; planten altijd stug behaard
 
 

Literatuur

Denters, T. (2005) Gevlamde fijnstraal 10 jaar in Nederland. FLORON-nieuws 3: 6-6.
 
Hoste, I., F. Verloove, C. Nagels, L. Andriessen & J. Lambinon (2009) De adventievenflora van in België ingevoerde mediterrane containerplanten. Dumortiera 97: 1-16. 
 
Meijden, R. van der, W.J. Holverda & L.H. Duistermaat (1999) Nieuwe vondsten van zeldzame planten in 1997, 1998 en 1999. Gorteria 25: 117-136. 
 
Meijden, R. van der, W.J. Holverda & W.J. van der Slikke (2001) Nieuwe vondsten van zeldzame planten in 1999 en 2000. Gorteria 27: 121-132. 
 
Reijerse, F. (2009) Verspreidingspatroon van Conyza sumatrensis in een landelijke regio. FLORON-nieuws 10: 6-7.
 
Reutelingsperger, L.F.P.M. (2000) Conyza sumatrensis (Retz.) E. Walker: het begin van de opmars in Nederland? Gorteria 26: 224-226. 
 
Verloove, F. (2001) Conyza bilbaoana J. Rémy, Cotoneaster watereri en Erigeron karvinskianus DC., nieuw voor de Belgische flora in Kortrijk. Dumortiera 78: 24-27.
 
Verloove, F. & V. Boullet (2001) Conyza bonariensis en Conyza sumatrensis: recent ingeburgerd in België?. Dumortiera 77: 2-8.