< Meer determinatiehulpen

laatst gewijzigd op 24-11-2016

Koolzaad, Raapzaad en verwante kruisbloemigen

Sheila Luijten (FLORON)


Inleiding

Deze determinatiehulp hebben we gemaakt om Koolzaad en Raapzaad beter van elkaar te onderscheiden en de mogelijke verwarring met vier andere gelijkende kruisbloemigen uit te sluiten. De bloeitijd van de zes soorten is deels overlappend. Herkennen gaat het makkelijkst bij bloeiende planten met goed ontwikkelde stengelbladeren en (bijna) rijpe vruchten. Tijdens de bloei zijn de onderste bladeren vaak afwezig. Voor extra toelichting van Koolzaad en Raapzaad, zie ook ommezijde. De zes kruisbloemigen hebben:

  • (grote) gele bloemen
  • hauwen (vrucht minstens 3x zo lang als breed)
  • liervormig veerdelige tot veerspletige onderste bladeren

Vergelijking

 

Literatuur

Heimans, J. (1934) Het lastige gele onkruid. De Levende Natuur 39: 17-27. 
 
Odé, B. (2009) Koolzaad blijkt Raapzaad. FLORON-nieuws 11: 4-4.
 
Scholz, H. (1988) Anfrage über Hederich (Raphanus raphanistrum). Floristische Rundbriefe 22: 145-145.
 
Wever, A. de (1952) Verdwijnende cultuurplanten 2, Mosterd. Natuurhistorisch Maandblad 41: 76-76.
 
Zijlstra, O.G. (1992) Geelbloeiende kruisbloemigen in Twente (1). Nieuwsbrief FLORON-FWT 7: 1-5. 
 
Zijlstra, O.G. (1993) Geelbloeiende kruisbloemigen in Twente (slot). Nieuwsbrief FLORON-FWT 8: 1-6.