a b c d e f g h i j k l m n o p q r s t u v w x y z
kaart
Sarsia tubulosa (M. Sars, 1835)

Klepelklokje
algemeen | beleid en bescherming | ecologie & verspreiding | taxonomie

Typering: Anthoathecata (athecate “bekerloze” poliep)
Herkenning
De poliep vormt kolonies (tot 13 mm hoog) die bestaan uit geelachtige poliepsteeltjes met slanke, knotsvormige poliepen. Op het bovenste deel van de poliep staan 12-20 korte tentakels (tot 0.9 mm lang) in warrige kransen. De gonoforen (voortplanttingsstructuren) staan, indien aanwezig, onder de tentakels. De meduse wordt maximaal 10 mm hoog en heeft de vorm van een klokje. Aan de onderzijde van dit klokje staan vier tentakels, elk met een verdikking (bulbus) bij de aanhechting aan het scherm. De maagsteel is lang en steekt uit tot buiten het scherm en soms zelfs tot voorbij de tentakels. Het uiteinde van de maagsteel is opgezwollen; dit is de maag zelf. De gonade (voortplantingsstructuur) vormt zich om het grootste deel van de maagsteel. Het scherm zelf is bleek of kleurloos, maar zowel de vier tentakels en tentakelbulbi als de maagsteel zijn opvallend melkwit, geelwit of geelgroen. De bulbi kunnen ook blauwgroen of roodachtig zijn.
Te verwarren met:
De poliepfase van het Klepelklokje is te verwarren met de poliepfase van Sarsia lovenii. De polieptentakels van S. lovenii zijn vaak korter en minder ontwikkeld dan de polieptentakels van het Klepelklokje, maar afhankelijk van de stroming kunnen ook de polieptentakels van S. lovenii lang zijn. Verder worden de kolonies van S. lovenii hoger en zijn ze meer vertakt. De meduse van het Klepelklokje is zeer kenmerkend vanwege het klokvormige uiterlijk met de lange maagsteel (het “klepeltje” in het klokje).
Controle: Foto
Auteurs: Luna van der Loos
Marco Faasse
 
foto44036
foto44037