Ecologie & verspreiding Rimpelroos (Rosa rugosa) is een struik waarvan de takken volledig vol staan met dunne, rechte, dicht opeen staande stekels van ongelijke lengte. Door de diepgenerfde bovenzijde en de grijzige, behaarde onderzijde van de bladeren van Rimpelroos zijn vrij gemakkelijk andere rozen te onderscheiden. Lastiger is het onderscheid met Hollandse rimpelroos (Rosa 'Hollandica'), die ook gelijkende stekels, bladeren en bottels heeft. Hollandse rimpelroos heeft gladdere, lichtergroene deelblaadjes en meer beklierde bottels die op een rechtere steel staan. In België en Nederland is Rimpelroos een exoot die makkelijk verwildert uit aanplantingen. Rimpelroos is vooral in de duinen algemener, maar kan ook op andere (kalkrijkere) goed doorlatende bodems in enige hoeveelheid bijeen groeien. Rimpelroos groeit in heggen, struwelen, bosranden, ruigtes en bermen. Rimpelroos werd veel aangeplant in perken in de bebouwde kom en ook wel langs (snel-)wegen. In de duinen is Rimpelroos relatief problematisch omdat deze goed bestand tegen wind en zout en zich via de wortelstokken makkelijk uitbreidt tot flinke horsten of zelfs hele struwelen.
CC-BY-SA 3.0 Jan Klinckenberg, 2025
|
EcologieBodemZonnige plaatsen op matig voedselarme tot voedselrijke, vaak kalkhoudende grond. De struik verdraagt zout (zand en stenige grond).
GroeiplaatsZeeduinen, heggen, struwelen, bosranden, perken, bermen (langs autowegen en langs kanalen), stuifdijken en waterkanten (aan de basalten voet van IJsselmeerdijken).
Bron:
Wilde-planten.nl / Klaas Dijkstra -
CC BY-NC-SA 3.0 NLVerspreidingNederlandVrij algemeen. Het meest in het kustgebied. Ingeburgerd tussen 1925 en 1949.
VlaanderenVrij zeldzaam, maar vrij algemeen in de duinen.
WalloniëVrij zeldzaam.
WereldOorspronkelijk uit Oost-Azië. Ingeburgerd in Europa en Noord-Amerika.
Bron:
Wilde-planten.nl / Klaas Dijkstra -
CC BY-NC-SA 3.0 NLLiteratuurBakker, P.A., N.C.M. Maes & J.D. Kruijer (2011) De wilde rozen (
Rosa L.) van Nederland.
Gorteria 35: 1-173
Bomble, F.W. (2009) Die Bedeutung
Rosa tomentella ähnlicher Blattoberseiten in der Taxonomie von
Rosa sect. Caninae subsect. Caninae.
Floristische Rundbriefe 43: 65-79
Buiteveld, J., A. Smolka & M.J.M. Smulders (2024) Genotyping of autochthonous rose populations in the Netherlands for effective ex situ gene conservation management.
Horticulturae 10: 777-
Christenhusz, M.J.M. & G.A. van Uffelen (2001) Verwilderde Japanse planten in Nederland, ingevoerd door Von Siebold.
Gorteria 27: 97-108
Foerster, E. & W. Schnedler (1977) Schlüssel zum Bestimmen det mitteleuropäische Wildrosenarten.
Göttinger Floristische Rundbriefe 11 Beibl. 6: 1-1
Klinckenberg, J. Bakker, P (2025)
Sleutel voor de wilde rozen van Nederland. Loos, G.H. (2003) Ein notwendiger Paradigmenwechsel in der Taxonomie der Wildrosen.
Floristische Rundbriefe 36: 97-107
Maes, N.C.M. (2013)
Inheemse bomen en struiken in Nederland en Vlaanderen-Herkenning, verspreiding, geschiedenis en gebruik. Boom
Müller, R. (1990) Die Wildrosen im Landkreis Harburg, Niedersachsen.
Floristische Rundbriefe 24: 114-117
Siebel, H.N. (2020)
Praktijkadvies Rimpelroos. VBNE [Advies voor de bestrijding van invasieve exoten]
Woch, M.W., P. Kapusta, M. Stanek, K. Możdżeń, I.M. Grześ, E. Rożej-Pabijan & A.M. Stefanowicz (2023) Effects of invasive
Rosa rugosa on Baltic coastal dune communities depend on dune age.
Neobiota 82: 163-187
Pagina's in standaardwerkenAtlas van de Nederlandse Flora 3:
183Heukels' Flora van Nederland, 23e ed.:
382Heukels' Flora van Nederland, 24e ed.:
382Nederlandse Oecologische Flora 2:
72Wilde-Planten.nl:
paginadeze soort in de Zadenatlas van Nederland Beschrijvingbron: Wilde-planten.nl / Klaas Dijkstra Stengels De takken zijn viltig, met dunne, rechte, dicht opeenstaande stekels van ongelijke lengte.
Bladeren De bladeren zijn 5- tot 9-tallig. De deelblaadjes zijn rondachtig, van onderen dicht behaard, enkel gezaagd en de nerven zijn vrij diep ingekerfd.
Bloemen Tweeslachtig (een bloem met zowel mannelijke als vrouwelijke geslachtsorganen). De bloemen zijn 4 tot 7 cm in doorsnee. De kroonbladen zijn diep paarsrood of wit. Aan de bloemstelen zitten steelblaadjes.
Vruchten Een vlezige schijnvrucht. De grote, hangende bottels zijn iets afgeplat, oranjerood en met een kroontje van blijvende, opgerichte kelkbladen. Tweezaadlobbig (kiemend met twee kiemblaadjes).
Bron:
Wilde-planten.nl / Klaas Dijkstra -
CC BY-NC-SA 3.0 NL
Verspreidingstrend
Gemiddelde trend van het aantal kilometerhokken waarin de soort voorkomt, weergegeven als indexcijfer (1975-1978 = 100).
De trend is gecorrigeerd voor waarnemersinspanning en geeft de relatieve verandering in het aantal bezette kilometerhokken weer.
Voor de berekening worden de data per periode van vier jaar samengenomen.
In de grafiek correspondeert ieder punt met het laatste jaar van zo'n periode.
© NEM(CBS & FLORON) 2023
download in hoge resolutieFenologie bloeiend
Fenologie vruchtdragend
Bron: FLORON - Gemodelleerd op basis van waarnemingen uit de NDFF voor de periode 2000-2021.